
Eerst als mens aan tafel
Majd zit liever eerst als mens aan tafel dan als expert. Zijn werk is een stressvolle job, het nieuws zelden positief, de wereld zwaar belast — en het helpt hem om, waar hij ook belandt, gewoon op die menselijke "baseline" te beginnen. Pas daarna komen de journalistiek, de boeken, het Midden-Oosten vanzelf aan bod.
Negen jaar stilte — en waarom schrijven zo'n zwaar proces is
Tussen zijn vorige boek en dit boek liggen negen jaar. Niet omdat hij stilstond, maar omdat schrijven voor hem een pijnlijk, allesopslorpend proces is: een enorme investering in tijd én emotie, waarbij je zware hoofdstukken openlegt die je liever niet zo diep zou behandelen. Het licht van de twijfel ontstond bovendien in een loodzware periode — een genocide in Gaza, maandenlang gruwelijke beelden van dode kinderen die hij als journalist acht uur per dag moest bekijken. Majd is naar eigen zeggen geen gehaaste schrijver: hij wacht, neemt zijn tijd, springt niet meteen in elk debat. Schrijven werd voor hem ook een therapeutisch proces — en meer dan eens moest hij stoppen om in een café stiekem een paar tranen weg te vegen.
Emotioneel schrijven, filmisch kijken
Wie het boek leest, merkt hoe emotioneel geladen de taal soms is. Dat is geen toeval: het komt voort uit Majds Arabische identiteit, waar je op school leert om emotioneel, bijna poëtisch te schrijven, in een taal die ongelooflijk rijk is aan beelden en uitdrukkingen. Hij wilde bewust géén journalistiek boek schrijven, maar iets eerlijks. De tekst leest tegelijk filmisch — als documentairemaker zag hij de passages als scènes — en dat botst soms met de zwaarte van de thematiek. Hoe diep beschrijf je de begraafplaats waar je moeder ligt? Welke steen, welke tak, welke kleur benoem je nog? (En, grapt hij, wie écht rijk wil worden, schrijft beter een kookboek dan een emotioneel boek.)
Vluchten om te kunnen schrijven
Om te kunnen schrijven moest Majd telkens ontsnappen — aan de realiteit, aan zijn comfortzone, aan zijn omgeving. Veel stukken schreef hij in het buitenland, in Caïro, of dichter bij huis op een bankje aan het water in Grimbergen (tot de laptopbatterij leeg was en hij ontdekte dat draagbare opladers bestaan). Het boek begint meteen confronterend, aan het graf van zijn moeder in Damascus — een van de plekken waar hij na enkele minuten al moest pauzeren.
Genocide, en jezelf beschermen
Als expert Midden-Oosten wist Majd precies wat er gaande was, en toch: zijn generatie weet niet wat een genocide ís — je hoort het woord, maar je kent het niet van binnenuit. Hij beschrijft hoe de ene shock de andere opvolgde naarmate internationale organisaties alarm sloegen en de politiek het liet afweten. Om door te kunnen gaan met het werk moest hij zichzelf soms beschermen: een enkele keer vroeg hij om voor een dag te stoppen met Gaza, hij klopte aan bij een therapeut om te ventileren, en hij ontlaadde met humor en met voetbal — een trip naar Barcelona om zijn sterren te zien en daarna meteen weer naar Brussel.
Tijdloos, persoonlijk en informerend willen zijn
De opluchting na het afronden was vooral productioneel; bij zo'n thematiek bestaat geen echte emotionele opluchting. Wel stelde één ding hem gerust: dat hij élke letter met voldoende bewustzijn had geschreven. Majd wilde een boek dat tijdloos blijft — geen kleine opgave bij een conflict dat elke dag verandert — en dat niet alleen iets láát voelen, maar ook iets bíjbrengt. Daarin zit zijn journalistieke inslag: ingewikkelde politieke zaken toegankelijk maken zonder ze te versimpelen, en kijken waar de gaten in de informatie zitten (apartheid op de Westbank, de impact van Israëlische wetten op Palestijnse burgers, het gebrek aan bewegingsvrijheid van Palestijnse vluchtelingen in de Arabische wereld).
Constructieve versus destructieve twijfel
Het kloppend hart van het boek: het onderscheid tussen constructieve en destructieve twijfel. Een eenvoudige toets, zegt Majd — leidt de twijfel tot verbinding en minder conflict, dan is ze constructief; zaait ze verdeeldheid (verdeel en heers, desinformatie, politiek extremisme), dan is ze destructief. In constructieve twijfel ligt heel veel empathie besloten: je prikt aan de vaste overtuigingen, niet om iemand gelijk of ongelijk te geven, maar om te vragen of we ook anders naar een situatie kunnen kijken. Je moet je kunnen nestelen in de schoenen van de ander en diens trauma erkennen — ook aan "de andere kant" van een conflict. In een tijd waarin extremistische stemmen overal luider klinken, voelt die constructieve twijfel volgens Majd urgenter dan ooit.
De pers, de macht, en een wereld die je niet zou geloven
Majd roept ook de politiek ter verantwoording — niet alleen om wat ze zégt, maar om wat ze nalaat te zeggen. Hij mist de journalist die zijn voet tussen de deur durft te zetten, in een tijd waarin politici de pers steeds minder nodig hebben en rechtstreeks naar sociale media en AI trekken. De huidige geopolitiek is volgens hem zo absurd dat je ze tien jaar geleden in geen enkele Netflix-reeks had geloofd. Juist daarom wil hij blijven shockeren, mensen wakker schudden, en de macht blijven bevragen zolang dat kan.
Hoe je constructieve twijfel oefent
Constructieve twijfel is geen ingesteldheid maar een vaardigheid, en die kun je oefenen — ook als je geen journalist bent. Majds drie sleutelwoorden voor journalisten: data, getuigenissen en inzichten. Voor iedereen daarbuiten: lezen, of anders luisteren. Zoek verbinding met je medemens — niet door dekens uit te delen, maar door écht te luisteren. Mensen die net zijn aangekomen, hebben vaak vooral nood aan een gesprek. Zeg gewoon hallo op straat. Kijk voorbij het clichéverhaal naar de mens erachter: hoe was het op school, wie waren je beste vrienden, ken je Damascus? En ga, als het kan, op reis — duik in de versie en het trauma van de ander, niet per se om je mening te veranderen, maar om te erkennen.
Migrant zijn is een voltijdse job
In dit boek gaat het Majd niet om integratie of inburgering — taal leren, werk vinden, vrienden maken — maar om de emotionele en sociale kosten van migratie. Als enige "buitenlander" op de buitenlandredactie voelt hij zich permanent ook die migrant; bij crises als de aanslagen in Brussel en Zaventem reflecteerde hij scherp op hoe terreur geen kleur of taal kent (veel daders waren in Europa geboren en getogen). De grote vraag die door het boek loopt: waarom roepen de straten van Damascus hem terug, terwijl hij hier bijna alles heeft en daar bijna niets meer?
Terugkeer als exposure-therapie — en een pleidooi voor werkgevers
Terugkeren naar Damascus was niet alleen mooi (de muziek, zijn lievelingsbakker), maar bracht hem ook terug bij een klaslokaal waar hij een traumatische ervaring had. Die terugkeer noemt hij exposure-therapie: onvervangbaar, en met een frisser geheugen en meer kracht aanraakbaar. Daaruit volgt een opvallend pleidooi richting werkgevers: erken het belang van terugkeer voor eerstegeneratiemigranten. Die emoties — wandelen door het steegje van je jeugd, je lievelingsbakkerij — kun je met geen enkel loon of document vervangen. Een werkgever die dat erkent, met een foto, een teambuilding rond hun cultuur, of gewoon oprechte interesse, raakt aan iets onbetaalbaars.
Diversiteit als strategie, niet als last
Majd bekijkt diversiteit niet als een probleem dat opgelost moet worden ("we hebben een tekort, dus we hebben iemand van een andere cultuur nodig"), maar als winstgevend — voor het team, het bedrijf én de journalistiek. Een diverse werkvloer vergroot bovendien vanzelf de kans op constructieve twijfel. Maar het gaat hem niet om tellen ("zoveel mensen met kleur, zoveel met een handicap"); duurzame inclusie ontstaat door je organisatiepraktijken te scannen: kunnen mensen elkaar goed feedback geven, blijft het draaien als iemand wegvalt? De Vlaamse media zijn volgens hem nog overwegend wit en afstandelijk, en daar is nog veel werk — niet alleen op het scherm, maar ook op management- en bestuursniveau.
Muziek als universele taal
Waar het boek therapie was die pijn deed, is muziek voor Majd een therapie die heelt. Als kind wilde hij muziek studeren, maar lessen waren onbetaalbaar; onlangs begon hij online notenleer te studeren en oefent hij op de piano van zijn dochter. Toen hij voor het eerst zelf een Arabisch lied kon spelen, was het helende effect onbeschrijfelijk. Muziek, zegt hij, brengt je naar plekken waar dure vliegtuigtickets je niet kunnen brengen; ze is diep geworteld in onze menselijkheid. Hij waakt erover dat Palestina niet alleen met trauma wordt geassocieerd, en deelt graag de rijkdom van Arabische stemmen en tradities — al kan muziek in het Midden-Oosten ook politiek zijn, verbonden aan een regime of een tijdperk. Vaak is het ook een terugkeer naar rust: naar een kalmer Caïro, naar de tijd vóór de oorlogen.
Het laatste woord
Majd sluit af met een eenvoudige uitnodiging: ga vandaag naar een boekwinkel en koop een boek. Het hoeft niet het zijne te zijn — pak een boek, en begin te lezen.
Het licht van de twijfel van Majd Khalifeh was de aanleiding voor dit gesprek. Wil je geen enkele aflevering missen? Abonneer je op Kom Maar Dichter via je favoriete podcastkanaal, en schrijf je in op The Conversation Layer — dan belanden de gesprekken, transcripties en extra reflecties meteen in je inbox.
Kom maar dichter.